Met de net gekochte treinkaartjes in onze hand liepen we door de wagon op zoek naar onze stoelnummers die op de kaartjes stonden. Manlief en zoonlief hadden samen een bankje achterin de wagon en ik had verderop een plaats voorin de wagon met uitzicht op de restauratiewagon, die tegelijk dienst deed als een soort van kantoor waar de conducteurs zaten.
De plaats naast me was ingenomen door een net iets te dikke Thaise man die gelijk nadat hij was gaan zitten zijn ogen dichtdeed en in slaap viel. Daar hoefde ik geen aanspraak van te verwachten. Gelukkig was er buiten en in de trein genoeg te zien. In de restauratiewagon vulde de conducteur papieren in en hadden aan de andere tafel mensen plaats genomen die wat wilde eten. De bestelling werd opgenomen door de kokkin, zo’n echte…schort voor, het haar in een soort van haarnetje en ietwat aan de gezette kant.
Langs de kokkin en de conducteur schoven de vendors die hun waar aan de aanwezige reizigers probeerde te slijten. Van blikjes drinken in een emmer met ijs, rijst met groenten in van die typische piepschuimen verpakkingen, koekjes, fruit tot aan thaise comicboekjes.
Bij elk station werd de trein voller met mensen inclusief de nodige bagage. Sommigen hadden hun halve inboedel bij zich die her en der opgestapeld werd in elk vrij hoekje. “Is it okay?” werd er aan mij gevraagd terwijl er voor m’n voeten een grote vierkante gebloemde tas werd gezet. Natuurlijk kon ik daar niets anders op antwoorden dan dat ik dat niet erg vond. En zo zat ik de rest van de reis met een slapende man naast me en een grote tas voor me.

Je hoeft niet bang te zijn dat je het station waar je uit moet stappen mist. De conducteur houdt alles netjes bij, welke reizigers hij al gecontroleerd heeft, waar ze eruit moeten en checkt of de mensen ook daadwerkelijk uitstappen bij het bewuste station. Zo ook toen we bijna het station van Hua Hin bereikt hadden, de conducteur kwam netjes naar me toe en melden dat we er hier uit moesten.
Met de rugzakken op onze rug liepen we het station uit. De eerste meters buiten het station loop je nooit alleen, er verzamelen zich altijd wel Thaien om je heen die je ergens heen willen brengen, een kamer voor je weten of je gewoon de weg willen wijzen als je niet weet welke richting je op moet. Dat laatste wisten we en die kamer kwam vanzelf wel, dus negeerde we de om ons heen verzamelde mensen en liepen rechtdoor richting centrum. Onderweg fluisterde manlief me nogmaals in dat hij nu wel een wat luxere kamer wilde, manlief kent mijn voorliefde voor goedkoop en eenvoudig, maar had dat daar nu even geen zin in.
Het eerste guesthouse leek daaraan te voldoen, een mooie luxe kamer voor een redelijke prijs, alleen zat het verblijf en ontbijt van zoonlief daar niet bij in begrepen en werd het wel een heel duur verblijf. De daarop volgende guesthouses waren te duur, te vies of gewoon niet leuk. Uiteindelijk hebben we onze intrek genomen in het Baan Pa Ploy waar we voor 1000 baht per nacht (ongeveer 25 euro) een luxe kamer met balkonnetje en elke dag ontbijt hadden. Op zich redelijk duur voor Thaise begrippen, maar ook hier in Thailand schijnen ze last te hebben van ‘de crisis’ en zijn de prijzen in de afgelopen tijd aardig gestegen.

De rest van de dag hebben we niet veel meer gedaan wat rondlopen en de LP lezen waar we fietsen kunnen huren. We zijn al aardig wat keren hier in Hua Hin geweest en nu zoonlief oud genoeg is om hier zelf te fietsen is dat een mooie gelegenheid om eens verder te kijken dan alleen het centrum en het strand.

Advertisements