Het was vanmorgen weer chaos en een duidelijke misrekening in organisatie in huize Spin & Co. Na een avonddienst was ik, eenmaal thuis, toch weer te lang op die bank blijven hangen.(Ik kon toch een uurtje later beginnen.) Met als gevolg dat ik vanmorgen het opstaan wel drie keer heb uitgesteld. Tot het schema zo strak werd, dat ik er wel uit moest.
Intussen was zoonlief wakker geworden en nestelde zich naast z’n vader op mijn nog warme plekje. Ik blijf toch weer te lang hangen in het beslissen wat aan te trekken en de tijd begint nu echt een soort van vijand te worden. Manlief en zoonlief zijn met geen stokken het bed uit krijgen. Ik herinner onze zoon aan z’n school en manlief aan het feit dat er een overhemd gestreken moet worden, brood klaargemaakt en zoonlief op tijd op school moet zijn.
Beide hebben een humeur om op te schieten en krijg van beide wat gebrom terug. Ondertussen probeer ik een tas van zoonlief in te pakken, m’n make-up ergens op m’n gezicht te krijgen, twee katten tevreden te stellen en beide heren te bewegen toch uit bed te komen.
Het ochtendhumeur van zoonlief is omgeslagen in koppigheid en ik heb nu echt stront aan de knikker. “Nee, ik wil niet naar school, ik wil in bed blijven, ik heb nog slaap.” Hier moet dus een grote dosis improvisatie aan te pas komen, want drama om 7.00 uur ‘s morgens, daar heb ik echt geen zin in. Met een scala aan kieteltechnieken en gek doen krijg ik onze zoon uit bed, in de douche en in de kleren. Eenmaal beneden vind ik een zeer gezellig gestemde man die staat te stoeien met een overhemd en een strijkijzer, wat z’n humeur niet bevorderd. “Heb je al een boterham voor onze zoon klaargemaakt” Foute vraag, blijkt uit de reactie van manlief. Ik kijk op de klok, nog zo’n 10 minuten te gaan voor ik echt in m’n auto moet zitten, wil ik op tijd op m’n werk terecht komen. In een recordtempo maak ik een boterham, met z’n geliefde pindakaas, en plant zoonlief op de bank voor de tv met een boterham.
Gel in z’n haar, schoenen aan, tandenborstel vast klaar leggen en waarna ik naar de auto speer. In m’n auto bedenk ik dat ik weer vergeten ben het antwoordstrookje voor een sinterklaasfreubelavond mee te geven en ook nog niet het het inschrijfformulier ingeleverd heb voor de zwemlessen van zoonlief. Ach, morgen dan maar. Morgen ben ik vrij en tijd genoeg om alles te regelen voor we aan het eind van de middag bij de tandarts moeten zijn.

Advertisements